Etosha

Zaterdag 23 september 2006

Via de Erongo Mountains rijden we richting Etosha. Dit is ook al zo'n prachtig mooi gebied. Daar moeten we de volgende keer toch echt naartoe. Maar ook hier, net als in Damaraland, is het een probleem dat dit gebied bijna uitsluitend toegankelijk lijkt te zijn voor gasten van dure lodges.
In onze reisgids lezen we dat er in Omaruru een aantal restaurants zijn met een Duitse keuken. Daar zijn we nou eens echt aan toe. Een verkeersbord in de Erongo Mountain Nature Conservancy Vermoeid strijken we voor de lunch dus neer in de biergarten van het Central Hotel. Heerlijke supergrote schnitzels mit pomme frites und salad. Precies zoals je ze in Duitsland behoort te krijgen. Nog een partje citroen erbij en grote cola's. Wat kan zoiets toch heerlijk zijn, zo op zijn tijd in den vreemde, en na al die dagen potjiekos. Helaas zijn mijn darmen dit niet meer gewend dus dat worden heel wat bermstops onderweg naar Etosha. Gelukkig is hier niet veel verkeer, want er zijn geen bosjes.

De rit naar Outjo duurt toch weer langer dan verwacht. Onderweg nog een dode koe gezien met honderd gieren erbij.
Het is zaterdagmiddag als we in Outjo aankomen en alle winkels zijn gesloten. Er lijkt maar één fatsoenlijke supermarkt te zijn maar die is gesloten. Sinds we hier vijf jaar geleden kwamen zijn overal nieuwe wegen aangelegd, overal grote moderne supermarkten (met bijbehorende ruime openingstijden) gebouwd. Maar uitgerekend in Outjo, de laatste plaats voor Etosha is er nog niets veranderd. Het is toch niet te geloven dat de winkels hier dicht zijn als laatste stop voor Etosha! Want in de winkels van Etosha zelf is ook niets te krijgen.
Outjo is nog steeds een wat depressief gat. De enige "supermarkt" die wel open is heeft drie stellingen met wat blikjes. Op straat voor deze winkel wordt flink gevochten. Er staan wat vrouwen omheen te krijsen. Naast ons staan twee mannen in het Afrikaans (Nederlands dus) de staat van dronkenschap van de vechtersbaas te bediscussiëren. Wel heel apart dat je hier twee zwarte mannen in het Afrikaans hoort praten. Dat is toch niet echt een hoofdtaal hier.
Om het wat trieste plaatje helemaal compleet te maken hangen hier (of all places) ook nog een aantal halfnaakte himbavrouwen rond. We zitten hier bijna 400 km slechte weg van Koakoland vandaan! Ze zitten op straat naast wat souvenirs. En je zult er voor wat dollars vast heel authentiek mee op de foto kunnen. Later wordt ons door de eigenaresse van het Etosha Safari Camp verteld dat de himba's vaak naar Outjo komen om medische hulp te zoeken omdat ze de dokters die dichterbij wonen niet vertrouwen. Maar we kregen niet de indruk dat dit het doel van deze himba's was, maar misschien maakten ze van de gelegenheid gebruik nu ze hier toch zijn.

Aan het eind van de middag, 17.30 uur, komen we dus bij het Etosha Safari Camp aan. Het is een hele mooie lodge. De camping op zich stelt niet veel voor. Het is een groot grasveld met daaromheen kampeerplaatsen naast elkaar met een nummer. Aan het andere eind van het grasveld staan kant-en-klare tenten opgesteld voor de verhuur. Maar gelukkig is er maar één andere tent, een Zuid-Afrikaans gezinnetje. Verder is het hier wel heel netjes en goed verzorgd. Helaas is hier geen elektriciteit op de camping. Dat hadden we eigenlijk wel verwacht. Maar onze accu werkt een half uur voordat hij er helemaal mee stopt. Dat is net genoeg om alle geheugenkaartjes te uploaden zodat we ze leeg Etosha mee in kunnen nemen. Ook kunnen we net een backup maken op de externe harddisk en zelfs nog een paar foto's bewerken en verkleinen voor internet. Maar dan stopt de computer ook zonder pardon.

Omdat we in Outjo niks fatsoenlijks konden kopen vragen we of we in de lodge kunnen eten en dat is geen probleem. We moeten er om 19.00 uur zijn want dan begint het diner. Voor maar N$100 krijgen we ook hier weer fantastisch heerlijk eten.
Koken dat kunnen ze wel in de lodges van Zuidelijk Afrika. Heel aparte recepten, waarschijnlijk in de loop van de laatste honderd jaar ontwikkelt voor de luxe blanke smaak met een Afrikaanse touch.
Vooraf krijgen we spaghetti dat in de oven tot een "vogelnestje" gebakken is met champignonsaus. Na het voorgerecht gaat  het keukenpersoneel zingen, wat in zuidelijk Afrika vaker gebeurt. Maar wat een fantastische stemmen hebben ze hier! Het is gewoon een prachtig professioneel concert van traditionele liederen.
Na het concert wordt het buffet geopend. Er staan een heleboel salades, aardappels, Indiase kip, pompoen, spaghetti-spinazietaart en een soort slavink van een augurk met mosterd en daaromheen dunne reepjes kudubiefstuk in een saus. Zó lekker!
En als toetje gecarameliseerde gekruimelde appel in warme custard.

Het is dat wij persé in Etosha zelf willen zitten maar hier zit je eigenlijk veel beter. Wel zijn we benieuwd hoe de "kamers" eruit zien. Dat zijn hier namelijk grote tenten maar van buiten zien ze eruit alsof je in een loods moet slapen. Dus zodra we thuis zijn gaan we eens op de website kijken.
Over internet gesproken: ze hebben hier een computer staan waarmee je na betaling van een vast bedrag onbeperkt kunt internetten. Nou, dat onbeperkt is wel nodig. Ten eerste is het een Apple. En als je dat niet gewend bent dan is het echt even zoeken hoe het werkt. Dan is er nog een toetsenbord waarbij de toetsen ergens anders zitten dan normaal.
En dan die verbinding! Die is ongelofelijk traag. Het zal wel een 56k modem zijn. Werkte dat vroeger bij ons ook zo traag? Niet te geloven. Geen enkele website is tegenwoordig nog aangepast aan een 56k modem. We denken aan een uur genoeg te hebben om wat foto's te versturen, een berichtje te typen en dan nog wat te surfen. Maar nee, een uur is nauwelijks genoeg om 550kb aan foto's te versturen. In twee zendingen omdat we bang zijn dat de computer halfweg op tilt zal slaan. De beginpagina van Hotmail openen duurt al zeker 5 minuten.

Zondag 24 september 2006

We pakken voor de allerlaatste keer de tent in. Dus nog een laatste controle of er niets meer in ligt. De komende drie nachten zullen we in Etosha in een bungalow overnachten. We willen persé in het park zelf verblijven en niet daarbuiten. Maar de campings in Etosha vinden we veel te druk en rumoerig en we zoeken hier de privacy van een bungalow.
De dag na Etosha is onze huwelijks-verjaardag dus die willen we graag wat luxer doorbrengen. En dan volgt nog de laatste nacht voordat we een ochtendvlucht naar huis moeten nemen dus dan is kamperen niet erg praktisch meer.
Vandaar dat we de laatste vijf nachten van deze reis al vooraf geboekt hebben. Wat dat betreft dus geen verassingen meer.

Het is nog 9 km naar de ingang van Etosha en vandaar nog zo'n 90 km naar Halali waar onze eerste overnachting zal zijn.
We zien eigenlijk erg weinig wild op onze rit naar Halali. Wel veel zebra's, springbokken en jakhalzen.
Rond 13.00 uur komen we in Halali aan. We hebben bungalow 25. Wat is dit een ongezellig huisje! Zoiets ongezelligs hebben we volgens mij nog nooit gehad. Heel oud, onverzorgd, roestig, gammel en alleen de puur noodzakelijke meubels in een veel te grote ruimte. Voor goede accommodaties moet je echt buiten Etosha zelf zijn. Maar hier zit je buiten de poort wel direct in het park en met geluk zie je van alles bij de waterplaatsen van de kampen.
Maar wat een rotzooitje zeg. We zien wel dat ze een aantal huisjes vernieuwd hebben sinds de vorige keer. Deze zal nog wel niet opgeknapt zijn.
We bakken bacon and eggs wat helemaal niet lukt in deze kromme pannen op een haperend elektrische kookplaatje.

Na het eten gaan we even kijken naar de waterplaats. Maar de zon staat pal op de schitterend gelegen zitplaatsen en we worden daar bijna geroosterd. Er staan wel twee hartebeesten.
In het gastenboek bij de receptie lezen we dat er gisteren een dode neushoorn lag bij Homob. Dus daar rijden we op af. Bij aankomst zien we geen neushoorn maar wel heel veel zebra's, giraffen en andere kuddedieren.
Er staan een aantal auto's en wij parkeren onze auto ernaast. We maken wat foto's maar de zon staat helemaal verkeerd. Uit de andere auto's steken allemaal professionele kanonnen van lenzen. Ik vind het erg vreemd dat je met zulke apparatuur tegen het licht in, een giraf gaat zitten Leeuwen met een dode neushoorn bij Homob fotograferen. "Zeker meer geld voor een lens dan verstand van fotografie", denk ik nog. Maar dan beweegt er ineens iets achter een bosje en zie ik het werkelijke doel van die lenzen. En onmiddellijk zit ook ik met mijn eigen grote professionele kanon plaatjes te schieten tegen het licht in. Er zijn namelijk vier grote mannetjesleeuwen met die dode neushoorn in de weer!
Af en toe komen en gaan er wat mensen maar de auto's met de grote lenzen blijven zo lang mogelijk staan. Wij ook dus. Af en toe verzetten we de auto even voor een andere hoek.
Een stel dat geen Engels spreekt maar alleen Italiaans (hoe doen die nou een individuele rondreis?) vraagt met behulp van gebaren en een boek wat voor dier daar nu zo dood ligt te wezen. Een neushoorn dus. Ze hebben een statief buiten de auto opgesteld en daar staat een camera op met een joekel van een lens.

De neushoorn is helemaal stijf opgeblazen van de gassen en als de wind draait dan is de stank van de dood bij tijden ondragelijk. De neushoorn lijkt nu wel op een opgeblazen pop, een soort luchtballon in de vorm van een dier, met zijn poten recht de lucht in. Het is fascinerend om te zien dat het deze oersterke leeuwen niet lukt om door de huid van een neushoorn te komen. Daarom heeft zo'n dier ook geen natuurlijke vijanden.
Het is ze gelukt om de rechtervoorpoot van de neushoorn af te rukken. Een van de leeuwen loopt daar mee rond. De anderen gebruiken het gat waar de poot zat om binnen in het lichaam te komen, wat ook nog niet erg lukt. Verder hebben ze de penis opgegeten of eraf getrokken. Daar zit nu dus ook een gaatje waar ze af en toe aan likken. Ook de staart is eraf. Maar verder krijgen ze met hun klauwen of tanden geen gat in de huid.

Als de zon bijna onder is komen we weer terug in Halali. We besluiten eerst naar de waterplaats te gaan kijken voordat we naar de bungalow gaan. En dat is maar goed ook.
Want tegen de rode ondergaande zon in, komt een neushoornmoeder met haar jong heel behoedzaam aangelopen om te drinken. Het zijn zwarte neushoorns, een van de meeste bedreigde diersoorten van Afrika. Maar Etosha is waarschijnlijk de beste plek van Afrika om ze te zien. Als je Zwarte neushoorns de verlichte waterplaats van Halali hier een neushoorn ziet dan is het voor 95% een zwarte neushoorn.
En de waterplaatsen van Okaukuejo en Halali zijn de beste plaatsen om ze in Etosha te zien. Dat blijkt maar weer.
Wat een geluk. Ik ben vandaag jarig en wilde graag cheeta's voor mijn verjaardag. Dat kreeg ik niet maar wel vier leeuwen en zwarte neushoorns.

We hebben geen zin meer in zelfgemaakte prut dus eten we in het restaurant. Niet dat het eten hier zo geweldig is maar in ieder geval beter dan zelfgemaakte prut van spullen uit een slecht gesorteerde kampwinkel.
Als we naar buiten lopen wordt onze prullenbak omgegooid. Normaal zijn het bavianen die dat doen maar die leven hier niet en bovendien is het donker, dus moet het een nachtdier zijn. Met de zaklamp zien we een honingdas die alle prullenbakken afzoekt naar iets eetbaars.

Na het eten nog maar eens naar de verlichte waterplaats. Daar is het nu erg druk, zowel met mensen als met neushoorns. We zien nogmaals moeder met kind en daarna verschijnen er drie mannetjes. Soms drinken ze wat waarna het in dit lamplicht net lijkt alsof ze lippenstift op een pruilmondje hebben gesmeerd. En van tijd tot tijd laten ze hun mannelijke hormonen gelden en wordt er wat met de hoorns tegen elkaar geduwd. Maar verder doen ze niet veel en ogen ze log en sloom. Overdag doen ze helemaal niets en liggen ze in de schaduw waardoor je ze niet ziet. Maar 's nachts zijn ze kennelijk ook niet erg actief.
Ook lopen er een aantal hyena's rond maar die krijgen nauwelijks de kans om te drinken. De neushoorns gedragen zich nogal agressief tegenover de hyena's en ze worden telkens weggejaagd.
Volgens de verhalen komt hier elke avond tussen 22.00 en 23.00 uur een luipaard drinken maar om 22.45 uur zijn we echt te moe om nog te blijven zitten. Wel hebben we nog een grote uil langs zien komen die ook kwam drinken.

Maandag 25 september 2006

Vandaag reizen we door naar Namutoni waar we twee nachten zullen blijven.
We beginnen maar niet met een gamedrive maar ontbijten eerst. Om 07.00 uur vertrekken we. We willen namelijk eerst helemaal terug naar Homob om te kijken of de leeuwen er nog zijn nu de zon beter staat voor foto's. En we zijn natuurlijk sowieso benieuwd of de leeuwen er nog zijn of dat er nu bijvoorbeeld hyena's zijn.
De leeuwen zijn er inderdaad nog steeds. Ze hebben nu echt hun buik rond gegeten want ze zijn niet bepaald actief. Het jonge mannetje ligt apart te pitten en de drie grote mannetjes liggen bijna op elkaar in de schaduw van het karkas.
Er lopen vier jakhalzen dapper omheen. Af en toe krijgen ze toch een stukje vlees te pakken uit het gat van de voorpot. De leeuwen kijken af en toe verstoord naar de jakhalzen maar ze zijn te sloom om ze weg te jagen.

We rijden verder en besluiten bij Halali een beetje om te rijden via Goas. Die waterplaats schijnt ook vaak veel wild op te leveren. Nou wat heet! We zien honderden  impala's, springbokken, zebra's, hartebeesten, kudu's en gemsbokken. Het wemelt er letterlijk van de dieren. En ineens herinneren we ons dat dit de plek is waar we vijf jaar geleden de niet ophoudende stroom zebra's uit het struikgewas zagen komen.
Maar dan zien we aan de overkant van de waterplaats veel meer auto's en touringcars staan. Dus daar moet vast wat te zien zijn. En als Een olifantenstier we omrijden zien we waar die allemaal naar staan te kijken. Alweer vier leeuwen! Dit is al de derde keer tijdens onze reis dat we vier leeuwen bij elkaar zien.
Deze keer gaat er zelfs een zwemmen, wat unieke foto's oplevert. Het lijkt wel alsof hij aan het vissen is. Opvallend is dat de zebra's, antilopen en gazellen weliswaar alert zijn maar geen bange indruk maken. Ze lopen ook redelijk dicht naar de leeuwen toe. Kennelijk zien ze toch het verschil tussen aanlummelende leeuwen en leeuwen met honger.

Verder gaat het weer richting Namutoni. We zijn nog maar even weg bij Goas of we zien ineens een witte neushoorn in het veld lopen. Wow, witte neushoorns zijn hier erg zeldzaam. We denken dat het wel eens zo zou kunnen zijn dat hij op weg is naar Goas waar we hem heel goed zouden kunnen zien. Maar misschien gaat hij wel heel ergens anders heen. We twijfelen even maar besluiten om toch maar verder te rijden.

Om 12.45 uur komen we aan bij Namutoni. We krijgen huisje E1. Dit ligt tegen de camping aan dus we vragen of we een ander huisje kunnen krijgen. Maar dat kan niet, want álle andere gasten in álle andere huisjes hebben állemaal al ingecheckt. Inchecken kan vanaf 12.00 uur dus we geloven er geen snars van en dat zeggen we ook. En dan is ook ons huisje E1 héél toevallig het enige huisje dat nog wordt gepoetst en wij kunnen dus pas om 14.00 uur de sleutel komen halen. Al die andere huisjes waar al die andere gasten al ingecheckt zijn, zijn allemaal al gepoetst. Ja, ja. Als we door het kamp rijden blijkt er dan ook geen lor van te kloppen. Men zal wel geen zin hebben gehad om een nummer in het computersysteem te veranderen.
Ook hier dus weer erg slechte service in een overheidsinstelling. Wat is dat toch jammer, maar als je over internet surft en ervaringen van anderen leest dan springt dit er toch vaak uit in Namibië en Botswana. Maar ze kunnen de pot op, wij hebben honger en willen eten klaar maken, dus we gaan gewoon naar het huisje E1. Qua ligging blijkt het gelukkig mee te vallen. De schoonmaakster is net klaar en ze laat voor ons de sleutel achter.

Dit huisje is net wat gezelliger dan in Halali. Waar het aan ligt is moeilijk te zeggen want ook hier is het bijzonder basaal ingericht en bladdert de verf van de muren. Maar het is wat kleiner en iets anders van indeling waardoor het toch net een iets betere indruk geeft.
Maar ook hier geldt, een zitplaats is om te zitten en dus is een plank met twee poten voldoende. En een bed hoort vier poten te hebben. Ook de keukeninventaris is zeer beperkt. Als je iets vloeibaars zou willen eten, soep of pap, alles moet op een plat bord.
Buiten is ook nog een picknicktafel. Tijdens het eten komen twee mangoesten langs. Ze graven een kuiltje tegen het muurtje en gaan daar met hun billen in liggen, plat op de buik met de pootjes gespreid.

Als we klaar zijn met eten zien we dat we dan toch nog de onvermijdelijke lekke band hebben opgelopen. Na twee vakanties in Namibië mogen we dan ook niet klagen, want het is pas onze eerste en gelukkig is hier in elk kamp een "garage". De krik van de auto blijkt niet te werken. Wat een geluk dat we daar hier in Etosha achterkomen. Je zou maar een lekke band hebben in de afgelegen wildernis met een niet werkende krik! Dat zou een serieuze ramp kunnen worden.
Dus Hans rijdt naar de "garage". Ook daar krijgen ze de krik niet aan de praat en lenen er een van een touringcar. De band wordt op eenvoudige doch doeltreffende wijze gerepareerd. Eerst wordt de band heel hard opgepompt en vervolgens wordt er water overheen gegoten om te zien waar het water dan uitspuit. Dan steekt men een priem in het gat om dit wat groter te maken. Vervolgens wordt er een touwtje in het gat gestopt en met een spijker wordt daar een of andere pasta in gedaan. Dan lijkt het net alsof je met je band over de kauwgom gereden hebt maar het werkt wel, in ieder geval een tijdje. Dit is iets dat we in verband met onze volgende reizen moeten onthouden en meenemen. Zo kunnen wij zelf ook wel tijdelijk een band repareren als het echt noodzakelijk is.

Dan gaan we weer op weg het park in en zien we eindelijk olifanten. Heel opvallend dat we die hier deze keer nauwelijks zien. Bij de picknickplaats in de buurt van Okerfontein zien we twee olifanten die helemaal wit zijn van de modder aan de rand van de pan. Ze zijn loeigroot! Jemig wat zijn de olifanten hier kolossaal.

We hebben nog wat vlees, blikjes en pakjes die op moeten. Dus we gaan nog een keer aan de braai, de laatste keer dit jaar.
Zodra we klaar zijn komen de jakhalzen er al op af. Die zijn hier niet bepaald schuw want ze lopen bijna tegen onze benen aan. Hier zijn het dus de jakhalzen die 's nachts de prullenbaken plunderen.
Bij de waterplaats van Namutoni is zoals gebruikelijk weinig tot niets te zien. Nu wel één olifant dus dat is al veel meer dan verwacht.

Dinsdag 26 september 2006

Rond 06.45 verlaten we de poort van Namutoni. Bij de Okevi's is niet veel te zien dus we rijden rond Fischer's Pan. Er zijn best veel kuddedieren te zien en opeens zien we twee grote mannetjesleeuwen. Ze staan geen moment stil en zijn waarschijnlijk op zoek naar een lekker hapje. Maar we kunnen ze nog lang volgen omdat het vrij open grasland is en ze lopen in eerste instantie parallel aan de weg. Het is een indrukwekkend gezicht om deze twee krachtige leeuwen door het veld te zien lopen.
Maar op een gegeven moment steken ze de grasvlakte over en verdwijnen ze in het struikgewas.

Verder zien we niet veel bijzonders rond de Fischer's Pan en rond 08.45 uur zijn we weer terug in Namutoni. We hebben nu wel zin in een uitgebreid ontbijtbuffet dus we gaan naar het restaurant. Bijna alles is al op. In eerste instantie vinden we het niet erg netjes dat ze niets meer aanvullen maar dan blijkt dat het ontbijtbuffet maar tot 08.30 uur geopend was. Oeps! Het is wel enigszins gęnant, men is nu alleen nog maar voor ons aan het werk.
Na het ontbijt rijden we naar Chudop. Daar is heel veel wild te zien, een eland, kudu's, zebra's, springbokken en impala's.
Daarna rijden we de DikDik-drive. En jawel, we zien twee dikdiks. Dat is toch wel erg teovallig. We hebben nog nooit dikdiks in Zuidelijk Afrika gezien, behalve vijf jaar geleden en vandaag,  beide keren op de DikDik-drive.
Daarna nog maar even naar Tsumcor. En daar zien we dan eindelijk een familie drinkende olifanten. In onze beleving wemelde  het vijf jaar geleden van de olifanten en nu zien we ze nauwelijks. Maar misschien maakten ze destijds gewoon de meeste indruk.

Tussen de middag bellen we maar met een kaarttelefoon naar Nederland. We hebben hier namelijk geen toegang tot het GSM-netwerk. Wij hebben beide een (ander soort) abonnement bij KPN Telecom. In Namibië is maar één GSM netwerk dus daar heeft KPN een contract mee, maar in de helft van het land geeft de KPN geen toegang tot dit netwerk. En het vreemde is dat we op twee zeer afgelegen plekken wel toegang hadden en hier in Etosha niet. Wij hadden geen toegang tot het netwerk in de Caprivi (m.u.v. Katima Mulilo), Rundu, Opuwo, Oshakati, Ondangwa, Khorixas. Oftewel nergens ten noorden van het zgn. cattle fence, nergens in de "zwarte woongebieden", en zelfs nergens in Etosha. Wij hadden wel bereik in Katima Mulilo, Fort Sesfontein, Spitzkoppe, Omaruru, Grootfontein, Tsumeb, Otjiwarongo, Outjo, Okahandja en Windhoek.
Handmatig zoeken naar een netwerk geeft dus gewoon een aanbieder te zien, maar dan volgt een mededeling dat er geen toegang is. We gaan bij thuiskomst zeker navraag doen bij de KPN want dit is belachelijk. Overal om ons heen zijn mensen aan het bellen, maar onze beide abonnementen geven geen toegang. We beginnen het nu behoorlijk irritant te vinden. (Zie onderaan de bijbehorende links)

Ik doe nog maar even de was. Nou ja, het gaat vooral om de geur opfrissen. Want je kunt hier drie keer per dag andere kleren aantrekken maar dat helpt helaas erg weinig tegen de zweetlucht.
Daarna wordt het weer tijd voor een gamedrive. Eerst maar weer naar Okerfontein. Daar zien we vier grote olifanten, wit van de zoutpan, die een beetje sloom aan het lummelen zijn. Ze rusten uit, terwijl ze hun poten afwisselend optillen om deze te laten rusten waarbij ze de slurf als steuntje gebruiken. We rijden nog wat waterplaatsen af maar er valt weinig te beleven. Klein Okevi is zoals gewoonlijk ook leeg. Dus we besluiten om dan maar naar onze lucky Groot Ekevi te gaan.
Vijf jaar geleden aan het eind van ons bezoek zijn we daar maar naartoe gereden met de bedoeling om er een tijd te blijven staan om af te wachten wat er komen zou. Toen troffen we daar een groep van elf leeuwen aan.
Dus nu doen we dat maar weer. We hebben nog een half uurtje voor we binnen moeten zijn.

Als we op de Groot Okevi afrijden rijdt ons net een grote bus tegemoet. Er zal hier dus ook wel niets te beleven zijn. We parkeren de auto en ruimen wat spulletjes op. Dan pak ik rustig mijn verrekijker en stel scherp op een stel vogels die ik bij het water denk te zien.
En als ik scherpgesteld heb zie ik…..een luipaard drinken!
Hij is zo goed gecamoufleerd en zo klein als hij ligt te drinken dat we het niet als een luipaard hadden herkend. En die bus vol toeristen reed net weg?!
Dan blijkt hoeveel geluk je moet hebben met een luipaard want hij staat op, draait om en loopt weg. Leeuwen blijven uren bij een waterplaats liggen, maar een luipaard kijkt verborgen vanuit de bosjes of de kust veilig is. Dan loopt hij naar het water, drinkt en is weer weg. Het is een kwestie van vijf minuten. De bus zal helemaal geen luipaard gezien hebben. Maar wij hebben wel heel veel geluk. Wow!

Over die bussen gesproken. Je ziet hier echt ontzettend veel groepen toeristen die op safari zijn in een 50-persoons touringcar. Wat is dat toch voor iets zots? Wie wil dat nou?
Je mist zo de hele atmosfeer van Afrika. Nou is die in een park als Etosha toch al wat minder maar als je het dan ook nog vanuit een volgepakte bus moet doen…
Wij genieten bijvoorbeeld ook van de geluiden van drinkende, etende en lopende dieren. Maar daar merk je in zo'n bus helemaal niets van. Opvallend is dat dit verschijnsel in Zuid-Afrika niet opvalt maar ook daar kan het niet anders dat er ook veel groepsreizen met touringcars zijn.
We hebben eigenlijk geen idee waar dat aan kan liggen, maar alleen een vermoeden dat het in de wildparken van Zuid-Afrika niet toegestaan is om met een touringcar gamedrives te rijden. En terecht! Voor de Een leeuw bij Fischer´s Pan passagiers is er geen bal aan en voor ons als individuele toeristen is het geen gezicht om al die grote bussen over de savanne te zien rijden. En dan hebben we het nog niet eens over het beeld van grote geparkeerde bussen  bij de waterplaatsen. Afschaffen die hap!

Teruggekomen in Namutoni gaan we eten in het restaurant. Het is er loeidruk en minstens 85% van de bezoekers komt uit Nederland. Ze komen bijna allemaal uit die grote bussen, want ze zitten telkens met 30 personen aan een grote tafel. Wij snappen niets van die kuddementaliteit. We kunnen ons op zich nog voorstellen dat je niet individueel op vakantie wilt of durft in Namibië. Maar als je dan toch in een dergelijk kamp zit kun je toch ook wel in een klein groepje gaan eten? Altijd en eeuwig in zo'n grote groep lijkt ons behoorlijk beklemmend, maar we kunnen in ieder geval weer vast wennen aan de drukte van Nederland.
Nee, niks voor ons die massale touringcarreizen. En dan heb je ook nog organisaties die je vertellen dat je avontuurlijk op reis gaat en die laten je dan in de laadbak van een vrachtwagen door Afrika rijden. Overlanders heet dat. (-:
Maar serieus, wij vinden echt dat ze iets moeten doen aan die grote hoeveelheid touringcars en overlandertrucks. Dit is gigantisch toegenomen in de afgelopen vijf jaar. Het zijn er hier nu echt veel te veel.

Het interessante aan een park als Etosha is wel weer dat je dus zoveel verschillende soorten toeristen en reisvormen ziet. Zo zien we ook een groepje van CC Africa, dat waarschijnlijk luxe kampeersafari's organiseert. De voertuigen zien er allemaal picobello uit. Bij Goas zagen we een safarivoertuig met maar vier toeristen en een keurig geklede gids.
Een half uur later zagen we een vrachtwagentje van CC Africa voorbij komen, met daar achter aan een open vrachtwagen die de picknicktafels en dergelijke vervoerde. Het zag er allemaal erg chic uit. We verwachtten dat die mensen van Goas daarna naar een aparte plek in Etosha zouden worden gereden waar de lunch al klaar stond. Toch nog maar eens op de website kijken wat dat voor soort reizen zijn.

Woensdag 27 september 2006

We doen onze mooie gamedrive van gisterenochtend nog eens over maar zoals altijd zie je dan juist niets. Dit soort ervaringen zijn gewoon niet te herhalen. We maken niet eens één foto en dat zegt heel wat.
Vandaag moeten we afscheid nemen van Etosha en moeten we in twee dagen richting Windhoek rijden. Het meeste logische is natuurlijk om er bij de Von Lindequist gate uit te rijden.
Maar we kunnen nog niet echt afscheid nemen en dus besluiten we om naar Okaukuejo te rijden en er via de Anderson-gate uit te gaan. We gaan niet meer stoppen voor alle "normale" dieren maar de route zal in ieder geval interessanter zijn dan de grote asfaltweg buiten het park.

We slaan de meeste waterplaatsen over maar rijden uiteraard nog wel naar Homob. We zijn erg benieuwd of de leeuwen er nog zijn. En jawel, ze zijn er nog. Het moet inmiddels in alle kampen bekend zijn dat hier nu al 72 uur leeuwen liggen. Via de gastenboeken bij de diverse recepties is bekend wanneer ze voor het eerst gesignaleerd zijn, namelijk op 24 september 12.00 uur. Homob ligt ook nog eens erg centraal dus we zijn er van overtuigd dat álle toeristen die in de afgelopen en komende dagen in Etosha zijn deze leeuwen zien. Het zijn op dit moment vast de meest gefotografeerde leeuwen uit het park.
We hadden verwacht dat ze de laatste rottende restanten wel aan de aaseters zouden overlaten maar nee dus. Inmiddels zijn wel alle poten van de neushoorn eraf gerukt en is ook de kop verdwenen. De romp van dit indrukwekkende gepantserde dier is inmiddels ingekrompen tot een zielig worstje rottend vlees.
De meeste leeuwen liggen nu verder weg van het karkas maar er blijft er telkens één in de buurt voor de bewaking. Maar ook deze leeuw moet even drinken. Een jakhals probeert zijn kans te grijpen maar dan blijkt er toch nog energie in de leeuw te zitten want die verjaagt onmiddellijk de jakhals.
Wel erg interessant om dit natuurlijke tafereel gedurende drie dagen van tijd tot tijd te kunnen volgen.

Tussen de middag eten we nog wat Wasa Knäckebröd. We waren zo gek om een pak mee te nemen, maar het blijkt best een goed idee geweest te zijn. Vanwege de droogte hier is het geopende pak ook na drie weken nog steeds vers. En soms kun je hier alleen zulk taai brood aankomen dat een snee knäckebröd veel lekkerder is.
Aangekomen bij de waterplaats van Okaukuejo slaan we stijl achterover van verbazing. We hebben al veel gezien in Afrika maar een tafereel zoals we dat hier zien nog nooit. Er zijn honderden, misschien wil duizenden dieren. Springbokken, zebra's, kudu's, gemsbokken en impala's.
En drie olifanten zijn zich rustig in het water aan het badderen. De andere dieren durven dan eigenlijk niet bij het water te komen. De zebra's die toch altijd al erg bokkig zijn, maken elkaar het leven zuur van ongeduld. Ook de gemsbokken beginnen te knokken.
En dan is Okaukuejo ook nog het veruit het drukste kamp. De waterplaats ligt als een soort schiereiland in het kamp en het stikt er van de mensen die duidelijk zichtbaar en rumoerig staan te kijken. En juist hier, op deze plek, zie je die enorme concentratie dieren. Heel merkwaardig!
Rond 14.00 uur verlaten we Etosha om naar Otjiwarongo te gaan.

Achteraf kunnen we zeggen dat wij bij dit bezoek aan Etosha opnieuw veel prachtige wildmomenten hebben gehad. En zeer opvallend is het dat de "vruchtbare" waterplaatsen dezelfde waren als vijf jaar geleden, net zoals de lege waterplaatsen ook dezelfde waren. De waterplaatsen waar we bijzondere dieren zagen:
Het wordt nu echt bewolkt en donker en er vallen zowaar vijf druppels. De eerste tijdens deze reis.

Vervolg: Terug naar Windhoek

Bijbehorende foto's