Alice Springs en the Red Center

Ayers Rock, zondag 10 oktober
We hebben eindelijk fatsoenlijk inkopen kunnen doen aangezien hier een grote supermarkt is die altijd open is. En we hebben eindelijk gas voor onze lamp kunnen kopen in een soort campingwinkeltje.
De nieuwe camper is veel praktischer ingedeeld. Wat vreemd dat zo weinig verschil toch zoveel uit kan maken. Eigenlijk is alleen de koelkast anders en dat maakt dat het hele keukenblok handiger is. Terwijl dit toch een ouder type camper is.
Op weg naar Ayers Rock rijden we zo'n 500 km over slaapverwekkende asfaltwegen door eenzaam landschap. Er zijn hier geen snelheidslimieten.
Bij Ayers Rock zijn ontzettend veel touringcars vol met toeristen. Het is er erg druk (terwijl het toeristenseizoen over is). Er is een flink comfortabel dorp gebouwd met lekker ijs! En dat allemaal voor die ene rots. En toch is hij wel indrukwekkend, deze rots, hoewel we niet kunnen zeggen waarom. Zou het toch mystiek zijn? Maar om hier nou al die heisa over te maken vinden we wel wat overdreven. Er zijn mooiere plekken in AustraliŽ.
Natuurlijk staan we met zijn allen klaar voor de zonsondergang. Maar de rots laat juist vandaag zijn spectaculaire schoonheid (volgens de boeken) niet zien.
Op de camping is 's avonds veel (te veel) rumoer. Met name van een grote groep luidruchtige Duitsers naast ons. Vlug weer wegwezen hier.
De campings in AustraliŽ staan ons sowieso absoluut niet aan. Ze zijn gewoon Europees: alles in een rijtje, elke plaats een nummer, je kunt elkaar van alle kanten bekijken en dat zijn we niet meer gewend. We hebben ons voorgenomen zoveel mogelijk te bushcampen ook al is dat niet altijd toegestaan. Maar er is toch niemand om het te controleren of er last van te hebben.

Kings Canyon, maandag 11 oktober
Het was koud vannacht en dat zijn we niet meer gewend. Bij het wakker worden zijn er veel brutale vogels op de camping: kuifduiven, geelkoppen en roze-witte papegaai-achtigen (we moeten toch eens de namen op zoeken).
We hebben eerst een mooie wandeling gemaakt naar het Valley of the Winds uitkijkpunt in de Olga's (2 uur heen en terug). In de ene kloof is het windstil maar hoor je de wind door de andere kloof razen en daar stormt het dan ook zo ongeveer.
Vervolgens 330 km naar Kings Canyon gereden over weer van die slaapverwekkende asfaltwegen. Hobbelen en bobbelen is eigenlijk nog prettiger ook, blijkt nu.
We zijn weer gedwongen in een resort te verblijven. Wel minder massaal en strak georganiseerd deze keer. Maar weer veel kamperende mensen dicht op elkaar. Het is wel leuk om de conversatie van Australische kinderen onderling te volgen; hoe zij opgroeien in deze natuur die voor ons zo vreemd is: "Ö.en dan komt er een dingo en die bijt je kont eraf."
Wederom veel van dezelfde vogels en bij zonsondergang strijkt een zwerm zwarte kaketoes met rode staarten neer.
En deze keer miljarden miertjes. We lazen in een boek dat het geen enkele outback-kampeerder zal verbazen dat AustraliŽ de meeste mieren en de meeste miersoorten ter wereld heeft. Er zijn hier maar liefst 9000 soorten mieren. Nou verbaast ons dat inderdaad niet meer. We hebben in dit immense land niet 1m2 kunnen ontdekken waar geen mieren zitten. Ze variŽren van enkele millimeters tot enkele centimeters en je hebt rode en zwarte, zwarte met rode konten, zwarte met witte konten, zwarte met groene konten, rode met zwarte konten, zwarte met witte hoofden die op spinnen lijken, groene met gele konten enz. enz.
We hebben vandaag wel even lekker de tijd om te lezen en uit te rusten.

Bushcamp West MacDonnell Ranges, dinsdag 12 oktober
Regen, regen en nog eens regen. In Kings Canyon zelf galmt het onweer rond als we daar lopen. We zijn maar snel de Mereenie Loop Road in gereden op weg naar Finke Gorge.
Om te beginnen hebben we Palm Valley bezocht over een 10 km lange erg slechte weg. Nou eigenlijk was het meer een lange droge rivierbedding waar je door moest.
Eenmaal begonnen aan de wandeling door deze toch wel spectaculaire kloof ontstaat er een enorme tropische hoosbui: binnen een minuut is echt alles kletsnat. We raken hierdoor het pad kwijt en belanden op smalle gladde richels boven het ravijn. Gelukkig ontdekken we een rotsoverhang waar we onder kunnen schuilen, hoewel dat inmiddels te laat is om de kleren droog te houden. Binnen 10 minuten zien we aan de overkant van de kloof van niets een enorme waterval ontstaan: erg spectaculair!!
Gelukkig houdt het na een tijdje op met heel erg hard regenen en gaan we op zoek naar het pad dat naar de auto moet leiden.
Als we terug rijden blijkt de droge rivierbedding ineens op veel plaatsen ondergelopen te zijn. Vanwege het weer besluiten we niet het risico te nemen om naar Boggy Hole te rijden en slaan we de weg naar de MacDonnell Ranges in. We rijden achter aboriginals in een Falcon en een 4WD truck die steeds bijna vast komt te zitten in de modder. We halen ze zo spoedig mogelijk in, want als wij steeds moeten stoppen lopen we ook het risico vast te lopen in de modder.
De MacDonnell Ranges zijn erg populair bij toeristen maar wij komen van de 4WD kant af en zien geen kip. Tegen zonsondergang (om 16.55 uur verschijnt eindelijk de zon om vervolgens direct weer onder te gaan) zoeken we een plaatsje op in de wildernis. Het is hier zo stil dat onze oren net zo hard piepen alsof we naar een popconcert zijn geweest.
We krijgen bezoek van een paar koeien.

Alice Springs, woensdag 13 oktober
Vanmorgen zijn we eerst door Ormiston Gorge gewandeld. We hebben veel schattige wallabies gezien en weer veel mooie vogels. Ander kuifduiven deze keer. Daarna naar Stanley Chasm waar het erg druk was. De wandeling naar de kloof was mooi met tropische begroeiing en de kloof was kort maar smal en stijl.
In Alice Springs hebben we het Desert Park bezocht. Helaas kon het niet op tegen het Rainforest Habitat in Port Douglas. Het idee was min of meer hetzelfde maar hier zaten de dieren meer opgesloten. Het nachthuis was wel erg mooi opgezet.
Bij de roofvogelshow stak ineens een enorm onweer op waardoor de vogels werden weggeblazen.
En overal hangt weer die typische kruidige Eucalyptusgeur.
In Alice Springs hebben we twee regencapes gekocht omdat we al zo vaak nat zijn geregend. Je zult zien dat we ze nu niet meer nodig hebben, maar dat is dan ook weer positief.
Tijdens de wandeling bij de Olga's is er bij Maud een vlieg achter in haar keel gevlogen. Met veel gekokhals heeft ze die weer kunnen verwijderen maar ze heeft er nu een soort verkrampte of ontstoken slokdarm aan overgehouden met erg veel pijn.
We hebben gegeten bij Oscar's. Achter in de zaak zat een klein zenuwachtig Italiaans mannetje alles in de gaten te houden, ondertussen druk bezig met niets. We dachten dat dit vast Oscar zou zijnÖ.en inderdaad. Het was overigens het beste restaurant waar we in AustraliŽ gegeten hebben.
De camping was weer vreselijk maar er zijn douches zodat we fris van start kunnen gaan voor onze komende trip door niemandsland.
Naast ons staat een ex-Nederlander "Hans" en zijn vrouw, beiden zo'n 45 jaar oud. Ze zagen het drukke leven in Sydney niet meer zitten, namen ontslag en reizen nu een jaar rond op zoek naar een geschikte plek om de rest van hun leven door te brengen. Dat kan en gebeurt hier allemaal maar.

Vervolg: Tanami Road

Bijbehorende foto's